KNIEBOEK: knieprothese, alle informatie

Uw herstel in het ziekenhuis en thuis

Wist u dat u waarschijnlijk korter bent opgenomen dan u denkt? Een korte opname vermindert de kans op infectie en is gunstig voor uw herstel. De opname duurt gemiddeld 2 dagen. Van tevoren is met uw verpleegkundige besproken of er voor u nog zorg nodig is na uw ontslag uit het ziekenhuis. 

Op de dag van de operatie start u met het revalidatieprogramma . U oefent samen met andere patiënten die op dezelfde dag geopereerd zijn. Zodra dat voor u mogelijk is, gaat u in gewone kleding naar de huiskamer van C4.

Uw herstel in het ziekenhuis: starten met bewegen

De meeste patiënten mogen meteen na de operatie starten met oefenen (buigen/strekken en belasten van de knie). Meteen starten met oefenen en regelmatig oefenen is belangrijk om geen stijve knie te krijgen. Goede pijnstilling is belangrijk om  goed te kunnen oefenen. Daarom hebben we u al tijdens de operatie een verdovend middel in de knie gegeven.

Verder gaat u op de dag van de operatie samen met de fysiotherapeut de eerste oefeningen doen. De meeste patiënten gaan op de dag van de operatie al hun bed uit. Soms is dit niet mogelijk omdat de spierkracht in uw been nog niet voldoende is of u zich niet helemaal lekker voelt. De fysiotherapeut beslist in overleg met de verpleging en eventueel de arts of het voor u al verantwoord is om uit bed te komen.

De fysiotherapeut begeleidt u bij de oefeningen, zoals staan en lopen, in en uit bed gaan en traplopen. De eerste keer steunt u bij het lopen op een looprekje, daarna leert u bewegen met krukken. Van de fysiotherapeut leert u steeds nieuwe oefeningen. Tussendoor oefent u vooral de oefeningen die u al van hem/haar geleerd heeft. Probeer steeds weer te oefenen. Veel oefenen zorgt ervoor dat u sneller herstelt. Houdt u aan de adviezen die u krijgt.

Soms kan de knie warm en dik worden. Dit geeft aan dat de knie overbelast is. Dit is niet erg. U moet dan tijdelijk wat minder oefenen. Eventueel kunt u de knie koelen met een 'coolpack' of ijsblokjes. Leg een 'coolpack' of ijsblokjes nooit direct op de huid (wikkel altijd een handdoek er omheen) en koel maximaal 20 minuten per keer.

Wat te doen bij pijn?

In de tijd na de operatie heeft u pijn aan uw knie.

pijnmeterWe vragen u zelf in te vullen op de pijnmeter hoeveel pijn u heeft. Is de score hoger dan 4 (oranje en rood), vraag dan een verpleegkundige om raad.Na de operatie krijgt u pijnmedicatie op vaste tijden en als u erom vraagt. Om de pijn zo goed mogelijk te controleren vragen wij u na uw operatie regelmatig om zelf een cijfer voor uw pijn te geven (pijnscore) en om extra pijnstilling te vragen als dat nodig is. Bij de behandeling van pijn na uw operatie krijgt u zo nodig bezoek van de Acute Pijn Service.

Als u pijn heeft, zijn er verschillende manieren om de pijn te verminderen:

  • De meeste patiënten hebben voldoende aan pijnstillende tabletten op vaste tijden en extra tabletten als het nodig is ( u kunt daarom vragen).
  • Bij veel pijn is plaatselijke verdoving via een slangetje in uw rug mogelijk. Een pijnpomp zorgt ervoor dat een verdovingsmiddel wordt toegediend.
  • Als dit niet werkt, krijgt u pijnstillers via het infuus. Hiervoor wordt ook een pijnpomp gebruikt die u zelf via een drukknop kunt bedienen.

Verder kunt u de eerste dagen na de operatie last hebben van duizeligheid, misselijkheid, minder eetlust, moeilijke stoelgang . Dit komt meestal door de narcose en/of de pijnbestrijding. Samen met u proberen we deze symptomen zo goed mogelijk te verhelpen.

Naar huis

U kunt naar huis als u een aantal dingen weer zelf kunt en als de zaalarts gecontroleerd heeft of u voldoende hersteld bent van de operatie. U kunt zelf aankruisen wat u al kunt:  

  • Zelfstandig in en uit bed gaan
  • Met weinig of geen hulp naar de wc gaan
  • Veilig opstaan en gaan zitten in een stoel
  • Veilig dertig meter lopen met hulpmiddelen
  • Traplopen (nodig als u thuis trappen heeft)
  • Voorbereidingen treffen voor terugkeer naar huis (zie hieronder)

Samen met de zaalarts vult u in:

  • Belangrijke metingen zijn in orde (temperatuur, bloeddruk, hartritme, bloedgehalte)
  • Weinig of geen lekkage van de wond
  • Pijn is onder controle met medicatie
  • Geen duizeligheid
  • U kunt goed uw blaas leeg plassen
  • U heeft geen problemen met de ontlasting
Voorbereiding op uw ontslag uit het ziekenhuis

Een medewerker van de apotheek bespreekt met u de medicijnen die u mee naar huis krijgt.

U heeft een gesprek met uw verpleegkundige of uw verpleegkundig coördinator. U krijgt mee:

  • Fraxiparine (antistolling) spuitjes voor zes weken. Het spuiten hiervan wordt tijdens de opname aangeleerd. De arts bespreekt het herstarten van uw eigen antistolling  als u die van tevoren ook gebruikte.
  • Verbandmateriaal voor thuis
  • De datum voor controle-afspraken op de polikliniek
  • Een machtiging en gegevens (overdracht) voor de fysiotherapeut in uw thuissituatie. U kunt de oefeningen die u geleerd heeft al zelfstandig thuis doen. Koel uw knie zo nodig met ijsblokjes of een ‘ cool pack’ in een doek.
  • Een voorlopig verslag van uw opname voor uw huisarts.
  • Als u wordt gecontroleerd door de trombosedienst, regelt de verpleging een afspraak bij u thuis.
  • Als er thuiszorg is aangevraagd krijgt u een overdracht mee voor de medewerkers van de thuiszorg.

Uw herstel thuis

Na de operatie komt u een aantal keer op de polikliniek voor controle. U maakt een afspraak bij de huisarts voor het verwijderen van de hechtingen. In onderstaand schema ziet u wanneer u ongeveer de afspraken moet maken.

* U moet zelf een afspraak bij uw huisarts maken. ** Als u suikerziekte heeft of het medicijn prednison gebruikt, laat u de hechtingen pas na 17 dagen verwijderen.

Bewegen, oefenen en rust

Bewegen en oefenen zijn belangrijk om geen stijve knie te krijgen. Als u lang rust, wordt de knie makkelijk stijf en houdt vocht vast. Twee keer per dag een uur rust met het been omhoog is voldoende.

Ook zijn getrainde spieren in het bovenbeen goed voor de stabiliteit van de knie.

U kunt zelf de oefeningen doen die de fysiotherapeut met u geoefend heeft. Als uw knie rood of gezwollen is na de oefening, leg er dan ijsblokjes of een ‘cool pack’ op, in een doek.

Ook thuis kunt een lijstje bijhouden met dingen die u al kunt. Kijk ook nog eens naar wat u voor de operatie verwachtte van uw kunstknie. Overleg met uw fysiotherapeut hoe u uw doelen in kleine stapjes kunt bereiken. Bijvoorbeeld: “ik wil over twee weken mijn knie goed kunnen buigen, zodat ik straks weer op mijn eigen fiets kan fietsen”.

Pijn, roodheid en zwelling

De meeste patiënten hebben in de eerste weken na de operatie behoorlijk wat pijn. Deze pijn is niet prettig, maar hoort er wel bij. U heeft een grote operatie gehad. Het is belangrijk voor uw herstel dat u zo min mogelijk hinder heeft.

We adviseren u daarom om op de afgesproken momenten uw pijnstillers te nemen, zeker in de eerste dagen nu uw ontslag uit het ziekenhuis. Gebruik ook een ‘cool pack’ of ijsblokjes in een doek om uw knie te koelen als hij rood en dik is geworden.

De pijn, roodheid en zwelling van de knie kunnen nog een aantal weken blijven. Maakt u zich geen zorgen, dit is normaal.

Wat u NIET kunt doen:

Doe dagelijks uw oefeningen, maar doe de volgende dingen niet:

  • Door beide benen tegelijk buigen
  • Hurken
  • Knielen
  • Lang achter elkaar zitten en/of staan
  • Dragen van zware gewichten
  • Hoge hakken of slippers dragen
  • Wilt u weer gaan sporten? Overleg dan eerst met uw fysiotherapeut.

Uw prothese zal altijd anders aanvoelen dan uw eigen knie. Ook is een knieprothese kwetsbaarder dan uw eigen gezonde knie.

Zitten en opstaan

Let er op dat u niet gaat zitten op te lage stoelen, te zachte banken, een te laag toilet of een te laag bed. Zet zo nodig een toiletverhoger op de wc-pot en/of gebruik bedklossen die het bed verhogen. Deze zijn te huur bij thuiszorgwinkels.
Bij het opstaan en gaan zitten, gebruikt u beide leuningen van de stoel en plaatst u uw geopereerde been wat naar voren. Zo vermindert u de belasting op de knie en voorkomt u pijn.

Lopen

Het is belangrijk dat u stevige lage schoenen draagt die goed om uw voet heen zitten. Kies het liefst voor schok-dempende schoenen met stroeve zolen en een brede hak. Gebruik de eerste maanden geen hoge hakken of slippers.

Zorg dat u geen snelle draaibewegingen maakt tijdens het lopen, zoals bij omdraaien. Zet liever kleine stapjes als u zich omdraait.

Douchen/baden

We adviseren u om de knie niet nat te laten worden. Als de hechtingen zijn verwijderd mag uw wond nat worden.
We adviseren u om niet in bad te gaan. Bij in of uit bad stappen, heeft u een grotere kans dat u valt. Bovendien kan de wond door het badwater gaan ontsteken.

Pleisters

Pleisters krijgt u bij uw ontslag uit het ziekenhuis mee. Twee keer per week kunt u op de operatiewond een nieuwe pleister plakken. Er hoeft geen jodium of ander desinfectiemiddel op de wond gedaan te worden.

Hechtingen laten verwijderen: na 14 of na 17 dagen

De hechtingen laat u 14 dagen na de operatie bij uw huisarts verwijderen. U moet hiervoor zelf een afspraak maken.

Heeft u diabetes (suikerziekte) of gebruikt u het medicijn prednison? Dan laat u de hechtingen na 17 dagen verwijderen. Wanneer bij u de thuiszorg de wondverzorging doet, dan kunt u hen vragen de hechtingen te verwijderen.

Aan- en uitkleden

Een aantal tips die u kunnen helpen. 

  • · Leg alles wat u nodig heeft vlak bij u.
  • · Doe zoveel mogelijk zittend zodat u knie niet belast wordt.
  • · Bij het aantrekken van een (onder) broek kunt u het beste als eerste het geopereerde been in de broekspijp doen.
  • · Maak eventueel gebruik van een bankje waar u de voet op legt.
  • · Gebruik bij het aantrekken van uw schoenen een lange schoenlepel. Deze kunt u kopen of huren bij de thuiszorgwinkel.

Wanneer moet ik een arts waarschuwen?

Ondanks alle zorg rondom de operatie kunnen er in de eerste periode thuis soms problemen optreden zoals:

• de operatiewond gaat lekken
• de operatiewond wordt rood en dik
• de operatiewond gaat veel meer pijn doen 
• koorts van 38,5 graden of hoger
• het onderbeen (de kuit) is pijnlijk, stijf, rood of dik
• verschijnselen die anders zijn dan verwacht en waar u zich zorgen over maakt.

Als u een of meer bovenstaande verschijnselen hebt, moet u contact opnemen met het ziekenhuis: 

• maandag tot en met vrijdag tussen 8 en 17 uur belt u de polikliniek orthopedie: 043-387 69 00
• ‘s avonds en in het weekend belt u met de afdeling orthopedie: 043-38744 30  of   043-387 64 30.

Let op: Een infectie is een vervelende complicatie. Een infectie kan niet alleen direct na de operatie optreden. Een prothese kan nog jaren na de operatie geïnfecteerd raken met bacteriën die de prothese bereiken via uw bloedbaan. Daarom is het belangrijk om bij koorts of een infectie ergens anders in uw lichaam (bijvoorbeeld een ontsteking van uw kiezen of tanden, een steenpuist, een ontsteking van uw nagel, een wond met pus of een blaasontsteking) direct advies te vragen aan uw orthopeed of huisarts. Indien noodzakelijk zal dan antibiotica gegeven worden (graag steeds in overleg met de orthopeed) om een infectie van uw prothese via de bloedbaan te voorkómen. 

Waar kan ik informatie vragen?

U kunt kijken op de pagina 'Veelgestelde vragen' of u kunt op werkdagen contact opnemen met:

  • Polikliniek orthopedie: 043 – 387 69 00
  • Verpleegafdeling C4 (orthopedie): 043–387 44 30  of  043–387 64 30
  • Verpleegkundig coördinator orthopedie: 043–3876543 (vraag naar sein 7920)
  • Opnameplanning orthopedie: 043–387 44 33
  • Fysiotherapie MUMC+: 043–387 7146
  • Polikliniek Anesthesiologie 043–387 45 00

of stuur een e-mail

Als patiënt van het MaastrichtUMC+ heeft u toegang tot MijnMUMC/nl. Nadat u zich heeft aangemeld, kunt u op deze beveiligde website de gegevens en afspraken uit uw medisch dossier bekijken.