Orthopedie - kinderen

Kinderheup

Heupdysplasie en DDH

Een van de meest voorkomende afwijkingen van de heup bij kinderen is heupdysplasie/heupluxatie, ook wel DDH genoemd (Developmental Dysplasia of the Hip). DDH is niet pijnlijk, maar als deze afwijking niet wordt behandeld, kan bij de volwassen patiënt eerder artrose (slijtage) van de heup ontstaan. Behandeling van DDH kan dit voorkómen. Het is belangrijk dat de behandeling van een kind met DDH start voor het  10 weken oud is. Dan is de behandeling meestal eenvoudiger en voor 80-95% van de kinderen zonder operatie succesvol.

Inloopspreekuur voor de baby-heup

Iedere woensdagochtend is er een inloopspreekuur op de kinderpoli voor baby’s van wie de huisarts of consultatiebureau-arts denkt dat ze DDH hebben. Met een verwijzing kunt u met of zonder afspraak op het spreekuur komen. (route 4 naar de kinderpoli)

Wat gebeurt er tijdens het spreekuur?

Baby’s worden lichamelijk onderzocht. Wanneer het nodig is, wordt direct een echo-onderzoek van beide heupen gedaan. Dit onderzoek doet geen pijn. Het bezoek aan de poli kan enige tijd duren, zeker als er een afwijking gevonden wordt. We raden u daarom aan eten voor de baby mee te nemen en ruim tijd te maken in uw agenda.

Er wordt een afwijking gevonden

Als tijdens het onderzoek een afwijking aan de heupen gevonden wordt, zal er zo mogelijk dezelfde dag met de behandeling gestart worden. De orthopeed zal met u het behandeltraject bespreken en de instrumentmaker zal een Pavlik-bandage bij uw baby aanmeten. Voor deze bandage worden de heupjes voorzichtig in een spreidstand gebracht. De bandage zorgt ervoor dat de heupjes in een spreidstand blijven. Daardoor komt het heupkopje weer goed in de heupkom. Dit zorgt ervoor dat de heupen zich toch nog goed kunnen gaan ontwikkelen. De behandeling doet geen pijn en de ontwikkeling van uw kind wordt door de bandage niet gehinderd.

Wat is DDH?

Bij DDH is het heupgewricht van de pasgeboren baby niet goed ontwikkeld. Het heupkommetje is niet diep genoeg en overdekt het heupkopje niet voldoende. Het heupkopje kan dan gemakkelijk steeds uit de ondiepe kom glijden (dysplasie). Het is zelfs mogelijk dat het heupkopje helemaal niet meer in de kom zit (heupluxatie).

Op de bovenster rij links een normale heup, daarnaast heupdysplasie en subluxatie. Op de onderste rij links een heupje uit de kom; rechts zie je hoe spreiden van de benen ervoor zorgt dat de heupkop op zijn plaats blijft.


Als de behandeling van DDH start in de eerste levensmaanden, is een operatie voor verreweg de meeste kinderen niet nodig (bij start van de behandeling op de leeftijd van 6 tot 10 weken is bij 80-95% van de kinderen geen operatie nodig). Wanneer DDH op oudere leeftijd wordt vastgesteld, stijgt de kans op een (soms ingrijpende) operatie tot 50% (bij ernstige heupluxatie is dan bij 90% van de kinderen een operatie nodig).

Voor de uitgebreide folder over  DDH en de behandeling in het MaastrichtUMC+: klik hier.

Voor een filmpje op MUMC-TV over kinderen met DDH en hun behandeling: klik hier.

Er is ook een aparte folder  gipsbroek bij heupdysplasie

Met vragen kunt u bellen naar de poli orthopedie: 043-3876900. Contactpersoon voor het heupspreekuur is dhr. Wiel Wijnen (gespecialiseerd verpeegkundige)

Stafleden

Nurse practitioner /physician assistant

Protocol voor de behandeling van DDH

De Werkgroep Kinderorthopedie van de Nederlandse Orthopedie Vereniging heeft onlangs een protocol opgesteld voor de behandeling van DDH. een protocol is een leiddraad, waar altijd van afgeweken zal worden als dat nodig is. Hier vindt u het specialistische protocol voor de behandeling van DDH.